Marc van der Sterren

‘Gepleegd’ is geen voltooid verleden tijd

Jasper Heijting was een vervelend kind. Hij veroorzaakte overal veel problemen. Zijn contactpersoon bij Jeugdzorg zei het zelf: “Je loopt zomaar overal weg, zonder reden. Je zocht ineens je vader op en als iets je niet bevalt ga je meppen.”

Jasper kon nooit iets goed doen. Soms kwam hij een minuut te laat thuis. Hij liet per ongeluk een boek vallen, zei iets verkeerd terug, hield zijn arm in de verkeerde houding, liep de trap te snel af. Hij legde het sponsje verkeerd terug in de douche of vroeg iets op het verkeerde moment. Dat zijn pleegouders hem dertien jaar zwaar lichamelijk en geestelijk hebben toegetakeld, was allemaal zijn eigen schuld.

“Openheid vind ik heel belangrijk”, zei de jeugdzorgmedewerker tegen hem. Alles mocht hij tegen zijn jeugdzorgmedewerker zeggen. Maar als hij dan begon over zijn pleegouders, waarvan de instanties wisten dat het daar niet pluis was; als hij wilde aankaarten dat hij nog steeds psychische en lichamelijke lachten had, zelfs toen hij er al een paar jaar weg was, dan werd hem de mond gesnoerd. “Daar kunnen wij niks aan doen, dat is een afgesloten hoofdstuk.”

De eenzaamheid in het boek Gepleegd is het schrijnendst. Nog erger dan de expliciete beschrijvingen van de zware mishandelingen. Erger zelfs dan de demonen die hem vanuit zijn vroegste kindertijd blijven bezoeken. Zijn tijd van baby tot peuter in Zuid-Limburg moet een ware hel geweest zijn. Geen wonder dat hij soms niet wist of hij een mens of een dier was. En dat hij zelfs op volwassen leeftijd het liefst een klein jongetje wil zijn.

Als lezer moet je soms de aandrang bedwingen om in het boek te schreeuwen: ‘sla nou verdorie een keer terug man!’ Maar wanneer dat dan eindelijk gebeurt, is het maar weinig bevredigend. Heijting maakt het de lezer niet comfortabel. De diepe eenzaamheid drukt het zwaarst. En Heijting laat de lezer wachten tot iemand een keer een arm om hem heenslaat en vraagt: ‘Wat is er toch jongen? Wat is er gebeurd?’ Maar dat blijft uit, tot het boek eindigt in een rustgevende hallucinatie.

Maar zelfs het einde laat je vertwijfeld achter met vragen. In zijn nawoord geeft Heijting enkele antwoorden. Hij krijgt eindelijk therapie, met herbelevingen, zelfbeschadiging en zelfs zelfmoordpogingen tot gevolg. Begin jaren ’90 deed hij aangifte tegen zijn pleegouders, maar de officier van justitie deed het minachtend af als iets wat te onbeduidend zou zijn om te onderzoeken. Pas in 2018, naar aanleiding van de Commissie Onderzoek Geweld in de Jeugdzorg, heeft Jeugdzorg Nederland alle traumatische gebeurtenissen en de levenslange gevolgen officieel toegeven. Slachtoffers worden door deze commissie erkend, maar binnen de jeugdzorg is nog niets veranderd.

Jasper Heijting schreef met Gepleegd geen thriller, het is ronduit horror. Vooral omdat het waargebeurd is. En omdat er nog steeds op grote schaal in heel Nederland kinderlevens op een vergelijkbare manier verwoest worden, onder toeziend oog van jeugdinstanties die met ons belastinggeld worden betaald (zie dossierjeugdzorg.nl). Gepleegd is geen voltooid verleden tijd.

Gepleegd, Haat en geweld in een pleeggezin onder jeugdzorg van Jasper Heijting is uitgegeven door Uitgeverij Tobi Vroegh, EAN 9789078761785, telt 256 pagina’s en kost €17,50.

 

Waardeer dit artikel!

Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage: dat kan! Zo help je onafhankelijke journalistiek in stand houden.

Mijn gekozen donatie € -

 

Plaats een reactie